Buurman

We zijn maar een kleine straat, 64 huizen en dat wat hoekhuizen de we gulzig meetellen, dan lijkt het nog wat.
Zelfs mensen van 2 straten verderop kennen deze straat niet, alhoewel de Dealer er wel alles aan doet mensen de weg beter te laten vinden.
Op de hoeken tegenover mij woont een Marokkaanse man, die altijd een kat had en keiaardig is. Die kat was bij hem aan komen lopen in de tijd dat Gijs hier introk, dus hoorden ze misschien bij elkaar, en dat schept een band.

Gisteren kwam hij net terug van de Heijn toen ik efkes weg moest, Hoe is het Buurvrouw, ja, klote en jij?

Keurig op 2 meter, wij. Bij de Heijn, vertelde hij, stond een man veel te dichtbij, en hij vroeg of die man beetje weg wilde gaan, en werd, uiteraard, overstelpt met:Flauwekul! en dergelijke zeik meer. Gelukkig was er iemand van de Heijn die had gezegd dat hij gelijk had en die man beetje afstand moest houden.

Ik vroeg of hij niet boos was. Ja, eigenlijk wel, maar hij wilde niet aandringen want dan zou het weer worden van: Altijd die buitenlanders met hun grote mond.

Fijn land zijn we toch.


Hulphond

Wat ik ook altijd erg mooi vond, met de nadruk op vond, was dat dieren dan mensen kunnen helpen. Echt helpen, geen smeerlapperij zoals met dolfijnen zwemmen of apies aaien, maar zoals een blindegeleidehond, of een zorghond of een speurhond.
Tot ik hoorde van een kenner dat die honden gemiddeld maar half zo oud worden als hun soortgenoten, en allerlei stress gerelateerde kwalen krijgen.
Veel van die honden moeten namelijk 24 uur per dag,m 7 dagen in de week, alert zijn. Ze moeten zich voortdurend op hun baas concentreren en krijgen geen vrijaf. Ze mogen vooral niet andere honden spelen, want dan doen ze hun werk niet goed meer, ze mogen niet aangehaald worden door vreemden want hun baas.

Ik gun het al die mensen van harte, die veiligheid en vrijheid die zoiets je geven kan. En honden die smokkelprimaten op moeten speuren, of bommen, of lijken of kanker, keigaaf ammaal.

Kyra verzon gisteren zelf een spel met Buuf en mij, met haar neus duwde ze een bal naar één van ons, die duwde hem naar haar of naar de ander en zo hielden we ons een kwartiertje bezig. Daarna moest ze even vreselijk dollen om de opgebouwde spanning kwijt te raken en was ze behoorlijk moe.
Die kant wordt nogal eens verwaarloosd. Of er zijn honden die het veel slechter hebben, of de pan in gaan, dus dan is dat minder erg, wat lulkoek is.
Maar je hoort er nooit iets zinnigs over terug. En het is vloeken in de kerk als je er kritische kanttekeningen bijplaatst.

Gek

Toeneerst, toen we van de anti-psychiatrie ineens allemaal normaal moesten zijn, was er ook ooit zo’n postercampagne met een nepspiegel erin dat het vroeg:
Ooit een normaal mens gezien? En, beviel het?
Dat was dan dat we allemaal gek of normaal waren.
Nu zeggen mensen het vaak ook als ik zeg ik gek ben.
“Ach, maar wat is gek?” zeggen ze dan.
En beginnen snel over iets anders, want stel dat je zomaar antwoord op retorische vragen gaat geven, dat wil niemand. (Wollt Ihr die totalen Krieg? (of is het ‘den’?))

Nu koketteert iedereen er dus lustig op los met gek zijn, wat ik al schreef.

Het blijft me irriteren daarom zeik ik erover door. Als gek zijnde krijg je van de gewone mensen altijd alleen maar lulkoek of domme vragne om je oren. Vragen hoe een paniek- of angstaanval dan voelt.
Leg je het uit met een voorbeeld dat je denkt dat ze kunnen begrijpen, dan wordt het snel gebagatelliseerd, of zijn zullie ook wel eens bang, maar daar moet je overheen stappen.
Dat anti-depressiva wél werken, kan niet, in hun krant stond dat het placebo-effect is, dus je lkaat je voor de gek houden, en gek verklaren.
(Ik zwijg even over de oeverloze zeik die een depressie patiënt krijgt)

Hoe het voelt dat je aldoor en altijd en eeuwig bang bent dat iemand je in de steek laat. Hoe je daar mee probeert om te gaan door steeds opnieuw uit t proberen of iemand je éch niet in de steek laat, die er dan vervolgens, volkomen begrijpelijk, gillend vandoor gaat, en jij je gelijk weeral hebt: ze laten me in de steek.
En vertel me godverdomme nou niet hoe ik dat moet oplossen, of hoe ik daar mee om moet gaan. En ook niet dat jij me nie in de steek laat, want die garantie is er niet.

Het is gewoon de hel.
Gewoon.
De Hel, zoals gewoonlijk, de anderen.

Geweld 2

Geslagen worden in een relatie. De eerste keer, de verbijstering dat dit mij overkomt. De machteloosheid, geen idee hebbend van wat terug te doen, wat te doen, het doodzwijgen door de omgeving ervan. Het negeren ervan.
uiteraard werd het erger en de angst groter. Op een keer kwam de onderbuurvrouw aanbellen, en maakte ik dat ik wegkwam, naar haar toe.
Ik wilde eindelijk de politie bellen, maar dat mocht niet van haar, want ze woonde niet officieel op dat adres (want dubbele uitkering), en dan zouden “ze” daarachter komen.
In wanhoop naar mijn ouders, maar; zou je dat wel doen, slaap er een nachtje over enz enz.
Bij vriendinnen hoefde ik na een tijdje niet meer aan te komen, want dan moest ik het maar gewoon uitmaken, en anders was het, onuitgesproken, mijn eigen schuld.
En in die tijd kwam de politie liever niet voor huiselijk geweld.
Aangifte doen. Terwijl je al tot het bot vernederd bent en je dus geen ruggensteun krijgt, zou je aangifte moeten gaan doen. Zonder dat je kan zien wat de consequenties zullen zijn, in je zelfgecreëerde gevangenis van angst.

Juist nu, met al dat #metoo, en al die meningen over alles, en dat gezeik op de televee en alles, meningen, geschreeuw, gelijkhebben, elkaar haten, beledigen, het nergens meer over hebben, alles kapot trappen, begraven onder smerige, zogenaamd cynische grappen, en keihard zie je nou wel naar elkaar roepen.

Het voelt net zo eenzaam als destijds.

Geweld

Wat die timmerman dus deed, dat zeggen van “Jij maakt mij kwaad!”.
Het is de klassieke truc om geen verantwoording te hoeven nemen, weg te schuiven, en het slachtoffer de schuld te geven en dus nog machtelozer te maken.
Want wat er gebeurt, het is haar eigen schuld. Op een gegeven moment had een ex uit grijs verleden, zelfs geen excuus meer nodig, mijn bestaan was reden genoeg er op los te slaan.
Zo gaat het ook bij kindermisbruik las ik eens, volwassen vuilakken, die glashard zeggen dat een kindje van 6 er om vraagt, omdat ze met haar heupjes draait.

Vroeger waren er de preken, dat ik meer moest gehoorzamen, meer moest luisteren en beter mijn best moest doen. En dan dacht ik dat ik dat allemaal deed, maar dan was het weeral fout, want vandaag was het goede fout, en morgen het foute goed.
Uiteindelijk ben ik er wel uitgekomen door gewoon totaal in de contramine te gaan, en een vreselijke puber te zijn, maar daardoor kon die ex dus zo makkelijk juist die knoppen indrukken. Je zou zelfs kunnen zeggen dat ik het zelf opzocht, maar ik betwijfel of dat helemal waar is. Het begint niet met slaan. Het begint met charmes.
Alleen dat afgrijselijke rotgevoel dat ik het allemaal verdiend had, en het er zelf naar gemaakt had, dat wil ik dus niet meer over me heen laten komen. Dan sla ik nog liever zelf het eerst.

Timmerman

De timmerman van gisteren. Zag er goed uit, Vriendelijk, aardig tegen Kyra. Beetje dominerend tegen mij, natuurlijk, maar zei wel mevrouw. Ongeveer even oud.
Toen ging het ineens over De Moord. Hij zei iets over dat die moordenaar een beest is en rechteloos was geworden.
Ik bracht er tegenin dat iemand nooit rechteloos wordt (meneer Zijlstra!) en hij ging van gewoon naar totale agressie in 1 nanoseconde.
“Nou maak je me kwaad! Als je me kwaad wil maken, is het wel met dat soort praat!”
Volgde een woedend betoog dat moordenaars geen rechten hebben want moordenaars, en geen verzorging nodig hadden want beesten.
En dat als je je mening al niet mag uiten, waar gaat het dan heen in dit land.
Het klassieke PVV gelul dus. Dat kan ik, in theorie wel aan, een valkuiltje is zo gezet.
Maar waar het om ging en wat ik niet aan kan, was dat:
Nou maak je me kwaad!
De volgende stap is geweld, en dat heb je dan dus over jezelf afgeroepen, want je hebt hem kwaad gemaakt. En dat had je dus niet moeten doen.
Ik heb lafjes snel een eind gemaakt aan de conversatie en heb weer eens van alles herbeleefd, vannacht.